The Swiss Life

Dries en Carolien in .ch

Page 3 of 13

Caves Ouvertes Vaudoises – 8 juni 2019

Dit pinksterweekend was ik speciaal naar Genève over gevlogen om deel te nemen aan de fameuze Caves Ouvertes, waar Dries altijd zo laaiend enthousiast over is. Hij kocht op voorhand een passeport Caves Ouvertes dat ons recht gaf op een glas, toegang tot het openbaar vervoer en de mogelijkheid om zoveel wijn te proeven als we wilden.

Dries en ik hadden afgesproken met zijn collega Alan om de trein van 10.19u naar Chexbres te nemen. We hadden al eerder gewandeld tussen deze prachtige UNESCO werelderfgoed terrassen, dus ik keek ernaar uit om nu volop te proeven van de ongetwijfeld heerlijke wijnen die hier geproduceerd worden.

Het weer was schitterend op zaterdag en het was duidelijk dat wij niet de enigen waren die zin hadden in een dagje wijn proeven. In Chexbres was het bijzonder druk aan het toeristische kantoor, waar we de wijnglassen en het bijhorende paspoort moesten ophalen. In Chexbres hadden we afgesproken met een oud-collega van Alan die al een uurtje eerder op verkenning was getrokken en graag onze gids speelde.

Onze eerste stop was Cave Francey alwaar we meteen al een mooi uitzicht hadden op het meer van Genève en de terrassen. De wijn was lekker, maar organisatorisch stond het één en ander duidelijk nog niet op punt. Beetje vreemd, want dit is een jaarlijks wederkerend evenement. Van Zwitsers zou je toch iets meer efficiëntie verwachten. We kregen meteen ook wat proevertjes kaas en worst aangeboden. Altijd welkom.

Vervolgens gingen we verder naar Cave Champ de Clos en Domaine Bovy. De werkelijk prachtige tuin van Domaine nodigde uit om hier een middagpauze in te lassen. We vonden een mooie tafel in de schaduw en we bestelden sushi du terroir (jawel, sushi gemaakt met streekproducten, al heb ik sterke vermoedens dat de rijst niet lokaal geteeld werd) en een vegetarisch assortiment. Omdat de proevertjes hier nogal klein uitvielen, kochten we ook een flesje Viognier om aan tafel te degusteren. Tijdens onze lunch kregen we het gezelschap van een Ierse kameraad van Alan en zijn vrouw.

Na deze zeer lekkere lunch zetten we onze ontdekkingstocht in Chexbres verder. We proefden wijn bij Pierre-Luc Leyvraz et André Bélard en Constant Jomini. Ook hier stelden we vast dat de praktische organisatie beter kon, maar hey, de wijn was lekker! Het moet gezegd dat de vrolijkheid van ons gezelschap evenredig toenam met het aantal proevertjes. Bij onze laatste stop in Chexbres vervoegde nog een kameraad van de oud-collega van Alan ons ondertussen behoorlijk aangeschoten gezelschap.

Omdat het weer zo prachtig was, besloten we te voet verder te wandelen naar het volgende dorpje: Epesses. De wandeling beloonde ons met schitterende uitzichten op de omgeving, maar de heren in ons gezelschap werden nogal opgeslorpt door het feit dat ze de fles rode wijn die ze kochten bij Pierre-Luc Leyvraz et André Bélard niet open kregen. Wie trekt er nu ook op wijnuitstap zonder een kurkentrekker? Gevolg: om de haverklap spraken ze andere wandelaars aan met de vraag of ze misschien een kurkentrekker van hen konden lenen. Uiteindelijk is de Ier gaan aankloppen bij een woning langs de weg en hielp een vriendelijke Zwitser ons uit de nood.

In Epesses vonden we een plekje op het werkelijk prachtige terras van Philippe Rouge alwaar we de rest van de avond in de zon doorbrachten. We kochten wat kaas en worst om de honger te stillen en genoten van een heerlijk flesje witte wijn. Meer moet dat soms echt niet zijn. En dankzij de Zwitserse spoorwegen zijn we in onze aangeschoten toestand veilig weer in Genève geraakt. Alwaar mijn vriend en ik als afsluiter van de avond nog snel iets bij een Indiër bij ons in de buurt zijn gaan eten. Kwestie van al die alcohol wat te absorberen. 😉

Van Milaan naar Lugano – 1 april 2019

Ik ga er niet om liegen: het opstaan om 6u deed pijn, veel pijn. Dries en ik pakken onze spullen bijeen en zorgen dat we na het uitchecken in pole position staan wanneer het ontbijt opent om 6.30u. In een snel tempo steken we wat eieren en fruit binnen om ons vervolgens naar het station van Milaan te begeven.

We zijn mooi op tijd voor de trein van 7.10u, die stipt vertrekt op het voorziene uur. Helaas doet zich onderweg een klein akkefietje voor met een passagier die onwel wordt en dient geëvacueerd te worden. Daardoor lopen we meer dan een half uur vertraging op, die we onderweg niet meer kunnen inhalen. Dries zal dus zeker te laat zijn voor zijn conferentie in Lugano.

In Lugano aangekomen is het even zoeken naar de makkelijkste weg om naar ons hotel te geraken. Het hotel bevindt zich vlakbij het station, dus op papier lijkt dit een makkelijke opdracht. Lugano is echter gebouwd op verschillende heuvels die aflopen naar het meer, waardoor de hoogteverschillen aanzienlijk zijn en het niet altijd even makkelijk is om googlemaps correct te interpreteren.

Gelukkig moeten we niet al te lang zoeken en vinden we het Federale Hotel snel. We zijn blij om aan de receptie te vernemen dat we al dadelijk op de kamer mogen. Kunnen we ons wat opfrissen alvorens aan de dag te beginnen. Dries vertrekt naar zijn conferentie en ik neem mijn spullen bijeen om Lugano te verkennen.

Ik begin mijn bezoek aan Lugano met een moment van bezinning in de met mooie fresco’s versierde kathedraal. Vanaf het terras van de kathedraal heb je ook een mooi uitzicht over het meer. Ik wandel door de kronkelende straatjes verder naar beneden tot aan de oever van het meer. Mijn eerste indrukken van Lugano zijn zeer positief: wat een charmant stadje! De stralende lentezon op mijn gezicht helpt natuurlijk ook.

Langs de oevers van het meer loop ik verder tot aan het LAC (Lugano Arte e Cultura) museum, een hypermodern gebouw dat me wel kan bekoren. Ik loop de Kirche Santa Maria degli Angioli binnen die van boven tot onder beschilderd is met schitterende fresco’s van de hand van Bernardino Luini, een leerling van Leonardo da Vinci. Zeer indrukwekkend. In de kerk is een dame bezig met de restauratie van de fresco’s, een precisiewerkje dat niet aan mij besteed zou zijn.

Door een groep toeristen te volgen ontdek ik naast de kerk een oude pandgang van een klooster die nu ingewerkt is in de binnentuin van een appartementencomplex. In de pandgang ontdek ik redelijk goed bewaard gebleven overblijfselen van fresco’s uit de 16de eeuw. De fresco’s getuigen van de rijke geschiedenis van Lugano.

De zon blijft haar beste beentje voorzetten en ik zet mijn tocht verder langs het meer in de richting van een mini-versie van de Geneefse Jet d’Eau. Ik wandel op mijn gemak en hier en daar las ik op een bankje een pauze in om te genieten van het mooie uitzicht op het meer en de bergen. Wat een fantastische plek moet dit wel niet zijn om te wonen. Wat mij betreft is Lugano mooier dan Genève. De sfeer in Lugano is ook gemoedelijker dan in het chique Genève.

De promenade langs het meer stopt bij de Jet d’Eau, dus noodgedwongen keer ik op mijn stappen terug. Ik loop de promenade in de omgekeerde richting af tot het uiterste puntje van Parco Ciani, alwaar mensen in badpak zitten te zonnen. Jawel, zo warm is het dus. Na deze fijne wandeling heb ik wel een gelato verdiend, denk ik zo. Via googlemaps kom ik terecht bij -9° Gelato Italiano, een prachtige winkel alwaar het ijs uit van die klassieke zilverkleurig tonnetjes geschept wordt. Ik zet me buiten op hun terras en smul van mijn ijsje met mango en melkchocolade.

Van mijn vriend krijg ik het bericht dat hij net in pauze is. Ik ben vlakbij (de conferentie vindt plaats in een gebouw in het Parco Ciani) en besluit even dag te zeggen tegen hem en zijn collega. Ze zijn zelfs zo vriendelijk om een beetje fruit voor mij te pikken van het buffet.

Omdat ik voor morgenochtend nog geen vervoer naar de luchthaven geregeld heb, besluit ik dit eerst af te handelen. Ik keer op mijn gemak terug naar het hotel en loop hier en daar nog een kerk binnen om het interieur te bewonderen. Om mezelf een steile klim naar boven te besparen, neem ik de funiculare. Een kort ritje dat me flink wat tijd uitspaart.

In het hotel informeer ik naar de mogelijkheden om op de luchthaven te geraken. Mijn vlucht vertrekt om 8.54u en het duurt (zonder file) ongeveer een uur om van Lugano in Malpensa Airport te geraken. De dame aan het onthaal zegt me dat ik zeker twee uur op voorhand op Malpensa moet zijn, maar dat lijkt me ietwat overdreven voor een korte Europese vlucht. Om half zes vertrekken, lijkt me redelijk. Ik informeer naar de kostprijs van een taxi en val bijna achterover wanneer de dame mij deze meedeelt: 280 CHF! Voor dat bedrag kan ik een paar keer op en af vliegen. Het alternatief is de shuttle bus naar de luchthaven, die kost slechts 25 CHF. Helaas heeft de shuttle bus één klein nadeel: deze vertrekt om 3.45u. Ik slik, maar besluit toch maar door te bijten. Opstaan om 3 uur ‘s nachts, daar wordt een mens hard van (ik háát vroeg opstaan).

Ik ga alvast poolshoogte nemen bij het station van Lugano om te kijken waar de bus vertrekt. Het lijkt me niet wenselijk om in het holst van de nacht met een valies en een zware rugzak aan een zoektocht te moeten beginnen. Ik zie vóór het station een kleine pendelbus staan met daarop Milaan Malpensa: gevonden!

Ik neem de funiculare terug naar beneden en ontmoet mijn vriend en zijn collega aan het conferentiecentrum om samen het avondmaal te nuttigen. We maken een korte wandeling door Lugano, want het is de eerste keer dat de collega van mijn vriend hier komt en het zou zonde zijn om niets van deze mooie stad gezien te hebben. Voor mij is het trouwens ook mijn eerste bezoek aan Lugano, maar na een halve dag rondwandelen, voel ik mij al een hele expert. Ik laat hen zelfs trots de door mij ontdekte fresco’s zijn.

Voor het avondmaal komen we terecht in een restaurant dat geheel toevallig dezelfde naam heeft als het hotel waarin we verblijven: Federale. Ik bestel een risotto met vis en paddenstoelen, kwestie van nog een laatste keer van de Italiaanse keuken te genieten. Eén van de betere risotto’s die ik al gegeten heb, trouwens. Mijn bord is leeg op een zucht. (Op het ijsje en fruit na heb ik sinds het ontbijt niets meer gegeten).

Na dit heerlijke avondmaal heb ik nog net een plekje voor een gelato (wel iets minder lekker als die van deze namiddag). Decadent, ik besef het.

Na nog een korte wandeling keren we met de funiculare terug naar het hotel, kwestie van toch nog een beetje slaap mee te pikken alvorens de wekker om 3 uur ‘s nachts afloopt. Ik zet alles klaar voor het vertrek zodat ik Dries niet al te zeer moet storen in het holst van de nacht.

Dit onvoorziene uitstapje naar Lugano was wat mij betreft alleszins een schot in de roos.

Lausanne en Aubonne – 13 januari 2019

Deze zondag hebben we afgesproken met David en Kristien uit Aubonne om samen een sneeuwschoenwandeling te maken. Dries en ik sporen van Genève naar Nyon, waar onze vrienden ons komen oppikken om kwart voor tien. Helaas, helaas, de weergoden zijn ons slecht gezind. Het regent in Nyon en de webcams op de pistes van Saint-Cergue, waar we willen gaan wandelen, tonen een dikke, grijze mist. Niet bepaald het ideale weer voor een fijne wandeling.

We gooien onze plannen om en rijden naar Lausanne. In een stad valt altijd wel iets te beleven, ook bij slecht weer. De kinderen (Lucía, Matteo en ons petekindje Rquel) zijn dit weekend op kamp, dus we zijn alleen onder volwassenen. Het ideale moment voor een museumbezoek dus! Op aanraden van David gaan we naar het mudac (Musée de design et d’arts appliqués comtemporains). Een niet al te groot museum waar een erg mooie collectie glasobjecten te bewonderen valt. Over de tweede tentoonstelling die er loopt, zijn de meningen verdeeld. De tentoonstelling toont een aantal stop motion filmpjes met figuren uit klei en een aantal kleikunstwerken. Sommige stop motion filmpjes zijn schitterend, andere erg bevreemdend tot zelfs afstotelijk. Mijn fascineert vooral het stop motion filmpje over de Día de Muertos. Zeer knap in beeld gebracht.

Omdat ons ticket ook toegang geeft tot het Musée de l’Elysée, besluiten we daar ook snel een kijkje te nemen. We hebben niet meer superveel tijd, want David moet de kinderen van het kamp gaan ophalen rond half drie in de namiddag. Jammer, want de tentoonstellingen van fotografen Matthias Bruggmann en Liu Bolin zijn beide indrukwekkend.

De titel van de tentoonstelling van Matthias Bruggmann ‘Un acte d’une violence indicible’ had niet beter gekozen kunnen zijn: de beelden komen binnen als een mokerslag. Zes jaar werkte Matthias Bruggmann aan deze tentoonstelling die met waanzinnig mooie, maar pijnlijke beelden de oorlog in Syrië in beeld brengt. Het is bizar om zoveel schoonheid in de gruwel te ontdekken. Een tentoonstelling die niemand onberoerd kan laten.

De werken van Liu Bolin zijn van een heel andere aard. Niet voor niets draagt deze fotograaf de bijnaam: de menselijke kameleon. In zijn werken wordt de artiest letterlijk opgeslokt door de omgeving. Bij sommige foto’s duurt het ettelijke seconden voordat je ontdekt waar de artiest zich bevindt. De werken van Liu Bolin zijn een stille aanklacht tegen de onmenselijkheid van het huidige Chinese collectivisme en de uitwassen van het hedendaagse hyperconsumptie die vandaag de dag ook de Chinezen treft. Je ziet zijn werk en de daaraan gekoppelde betekenissen evolueren doorheen de jaren. Dik de moeite en ik vind het jammer dat we niet langer in het Musée de l’Elysée kunnen doorbrengen.

We keren terug naar het huis van David en Kristien in Aubonne en beginnen samen met Kristine aan de voorbereidingen voor de kaasfondue, terwijl David de kinderen gaat halen. Die blijken alle drie behoorlijk uitgeput te zijn van hun weekendje weg en helemaal geen zin te hebben in kaasfondue. Geen erg: meer kaas voor ons!

Ondanks het slechte weer, een mooie zondag.

Genève – 12 januari 2019

Niet veel plannen voor dit dagje Genève. Beetje uitgeslapen (in de mate dat het bed in de studio van Dries dat toelaat), een lange wandeling gemaakt door de straten van Genève en geluncht bij het ons ondertussen vertrouwde Edward’s diner. Een toast voor Dries en een wrap voor mij, terwijl we tripadvisor raadplegen om een leuk restaurant uit te kiezen om ‘s avonds samen te gaan eten.

Op de terugweg passeren we langs het station en kan ik het niet laten wat Zwitserse chocolaatjes te kopen bij Läderach: champagnetruffels en een schattig kleine negerzoen die naar meer smaakt. Beide chocolaatjes zijn uitstekend: punten voor de Zwitserse chocolatiers.

Vervolgens gaan we shoppen bij Planète Charmilles om sneeuwbestendige laarzen te kopen, want we hebben de dag nadien afgesproken met onze vrienden David en Kristien om een wandeling met sneeuwschoenen (raquettes) te maken. In tegenstelling tot wat we verwachtten, valt de prijs van de laarzen heel goed mee en zijn ze stylish genoeg om zonder het schaamrood op de wangen op een koude dag naar het werk te gaan.

‘s Avonds wandelen we naar Spaans restaurant El Faro voor het diner. En ja, het is waar dat we opvallend vaak voor buitenlandse keukens in Genève kiezen, voornamelijk omdat deze goedkoper uitvallen dan de traditionele Zwitserse gerechten, maar ook omdat het aanbod in Genève zo verscheiden is. Wat niet te verbazen valt, wetende dat 50 procent van de inwoners van Genève niet van Zwitserse afkomst is.

We starten de maaltijd met pulpo a la Gallega en pimientos. Beide gerechtjes blinken uit in eenvoud, maar zijn om duimen en vingers af te likken. De verwachtingen voor het hoofdgerecht zijn bijgevolg hooggespannen. En jawel, de paella “El Faro” is heerlijk en portie overvloedig. De ober komt aan tafel een grote pan tonen met onze paella en schept vervolgens ons bord vol.

Plek voor een dessert hebben we niet meer, maar we komen zeker nog eens terug om de andere specialiteiten uit te proberen.

Fondation Baur – 9 december 2018

Na een regenloze dag in Montreux is ons goedweergeluk opgebruikt. Regen op de dag van het Fête de l’Escalade in Genève…

Tegen de middag vertrekken we naar het oude stadsgedeelte van Genève om wat mee te pikken van het Fête de l’Escalade. Vorig jaar was het de zondag van dit feestweekend ook al zo’n rotweer, maar nu leek het wel of alle inwoners van Genève collectief beslist hadden om thuis te blijven. Er was ook veel minder te doen in de oude stad dan vorig jaar. Misschien vindt het hoogtepunt van de feestelijkheden plaats op zaterdag? Enfin ja, we dronken een soepje, aten een hartige pannenkoek en een glühwein later besloten we het voor bekeken te houden en op zoek te gaan naar een alternatieve manier om ons bezig te houden.

Dat alternatief vonden we in de Fondation Baur, Musée des arts d’Extrême-Orient. Een museum dat een prachtige collectie Chinese en Japanse kunstvoorwerpen tentoonstelt, voornamelijk keramiek. De voorwerpen die de heer Baur tijdens zijn leven verzamelde, vormen de basis van de collectie. Ik kan een bezoek aan dit museum echt van harte aanbevelen. Prachtige voorwerpen op een aantrekkelijke manier gepresenteerd. Tijdens ons bezoek hadden we het museum bijna voor ons alleen, wat ons bezoek net dat tikkeltje extra gaf. Zeker aan te raden als je, net als ik, een voorliefde heb voor alles wat Oosters is.

Ondanks de regen brachten we na het bezoek aan de Fondation Baur nog een blitzbezoek aan de kerstmarkt in het Parc des Bastions. Het was echter te slecht weer om er lang te blijven hangen. We deelden een glühwein om ons warm te houden en besloten een warme plek te zoeken om te aperitieven voor het avondmaal. Het Riverside café bleek een fijne en rustige plek om een glaasje wijn te drinken. Jammer dat het café al sloot om 18u op zondag.

Voor het avondmaal belandden we net zoals de vorige keer in restaurant Zhong Tong, kwestie van het Oosterse thema van de dag trouw te blijven. 😉

Montreux Noël – 8 december 2018

De vorige keer dat ik in Zwitserland was, zagen Dries en ik tijdens ons blitzbezoek aan Montreux de kerstmarkt in opbouw. Die opbouw deed vermoeden dat de kerstmarkt van Montreux absoluut de moeite zou, met mooie houten kraampjes langs het meer. Ik nam me toen voor om terug te komen voor die kerstmarkt. Zo gezegd, zo gedaan!

Omdat het voor ons allebei drukke dagen zijn, sliepen we uit en ontbeten we op het gemak. Montreux is niet zover van Genève en een ganse dag kerstmarkt is een beetje van het goede te veel. We mikten dus op een aankomst iets na het middaguur. De trein bracht ons zonder problemen tot in hartje Montreux, alwaar de organisatie van de kerstmarkt een aantal klaar-overs had ingeschakeld om iedereen veilig te laten oversteken. Duidelijk een goed georganiseerd evenement!

We zetten ons bezoek meteen in met een lekker pannenkoekje vergezeld van, hoe kan het ook anders, een glühwein. En jawel de kerstmarkt was even charmant als ik me had voorgesteld toen ik de kraampjes in opbouw zag. Zeer mooie stalletjes met als achtergrond het meer en de bergen. Jammer dat het weer wat grauw was, maar gelukkig bleef het droog. Dat is het voornaamste bij zo’n bezoek aan de kerstmarkt. We slenterden langs de kraampjes die de normale kerstprullaria uitstalden, met hier en daar een iets origineler aanbod (ik kocht me bijna een prachtig 3D-model van een trein in hout). We spotten zelfs een kraam met authentieke Brusselse wafels. De kraam noemde heel toepasselijk ‘Manneke Kris‘ en zag eruit als drie Brugse rijhuizen. Slimme marketing en aan het volk te zien, konden de Zwitsers deze Belgisch specialiteit wel smaken.

Eregast was het land Bosnië-Herzegovina, dat jammer genoeg een plaatsje toebedeeld kreeg helemaal op het einde van de kerstboulevard. Als je echt een land in de kijker wil zetten, lijkt me een meer centrale plaats aangeraden. Jammer dat we op dat moment nog vol pannenkoek zaten, want de specialiteiten uit Bosnië-Herzegovina zagen er heerlijk uit.

Voor het vieruurtje lasten we een stop in bij een soort iglo waar binnen een nephaardvuur brandde. We dronken allebei een (helaas voorgemengde) cocktail, die eigenlijk best wel te pruimen viel. Omdat we onze zinnen gezet hadden op kaasfondue ‘s avonds, probeerden we een reservatie te versieren in één van de mooie blokhutten die speciaal voor de gelegenheid gebouwd waren. Helaas, alles zat stampvol. Dan maar via tripadvisor gereserveerd in restaurant Le Museum, dat iets verder van de kerstmarkt lag. Gelukkig hadden ze daar wel plaats!

Bij valavond stak er een stevige wind op die voor hoge golven op het meer zorgde. Dat hield ons echter niet tegen om in het reuzenrad te gaan. We hadden het perfecte tijdstip uitgekozen, want net toen wij in het reuzenrad zaten, zagen we de kerstman in zijn slee voorbij vliegen! Die Zwitsers sparen kosten nog moeite om de bezoekers in de kerstsfeer te brengen.

Voordat we naar het restaurant gingen, verorberde ik nog snel een negerzoen van één van de kraampjes in de overdekte markt. Klein voorgerechtje. 😉

En dan was het tijd voor kaasfondue met truffel! De beste kaasfondue die ik tot nu toe gegeten heb! Heerlijk.

Om ons bezoek af te ronden, pikten we nog het Spectacle Lumineux mee. Echt onder de indruk waren we niet, maar het duurde niet lang en het was een fijne afsluiter van een geslaagde kennismaking met mijn eerste Zwitserse kerstmarkt.

Glacier 3000 en Montreux – 4 november 2018

Vroeg uit de veren vandaag, want we moeten al om 8.45u op de Place Dorcière zijn voor onze dagtrip naar Glacier 3000 en we willen niet vertrekken zonder een stevig ontbijt achter de kiezen. Op de Place Dorcière wacht een minibusje met plaats voor een veertiental personen. Onze chauffeur is een Londenaar met, aan zijn vurig rosse haar te oordelen, Schotse roots. Onze groep is een behoorlijk gevarieerd samenraapsel van toeristen afkomstig van diverse continenten.

De rit naar de parking van Glacier 3000 verloopt vlotjes. We doen er ongeveer een uur en veertig minuten over. Da’s een pak minder dan de tweeënenhalf uur die de dame van het Tourism Office ons had voorgehouden. Iets waar we behoorlijk blij mee zijn, uiteraard. We nemen de Cable Car naar boven en krijgen meteen een fenomenaal uitzicht voorgeschoteld. Prachtig. Alleen al dit ritje met de Cable Car van amper een kwartier, inclusief één overstap, maakt deze uitstap de moeite waard. Boven aangekomen, blijkt meteen dat het op 2971 meter een pak frisser is dan beneden. We dan zijn ook erg blij dat we gisteren nog de moeite hebben gedaan om extra handschoenen en twee fleeces te gaan halen. Er ligt op deze hoogte een flink pak sneeuw en de eerste skiërs van het seizoen suizen dik ingepakt de hellingen af.

We besluiten meteen de topattractie te bezoeken: de peak walk by Tissot (yep, gesponsord door een horlogemerk, zo gaat dat in Zwitserland), een hangbrug die ons naar een top brengt vanwaar we een schitterend 360° uitzicht hebben. Ik vloek inwendig dat ik mijn fototoestel niet meegenomen heb (paste niet in mijn koffertje van de handbagage), maar moet toegeven dat mijn iphone het er niet slecht vanaf brengt. De hangbrug is trouwens niet aan te raden voor mensen met hoogtevrees. De brug wiebelt vervaarlijk en de afgrond lonkt vervaarlijk.

Na de Peak Walk nemen we de stoeltjeslift die ons naar de glacier walk brengt. Onze neuzen vriezen er bijna vanaf op de stoeltjeslift, zo koud is het. Beneden aangekomen zien we dat de dame met de hondenslee toch op post is. Onze chauffeur had ons tijdens de rit warm gemaakt voor een ritje met een échte hondenslee om ons bij aankomst meteen teleur te stellen met de mededeling dat vandaag de dame met de hondenslee niet op post zou zijn. Hij had zich duidelijk vergist, want nog geen vijf minuten later zitten we op de hondenslee. Daarvoor moesten we eerst onderhandelen, want normaal gezien kost een ritje maar liefst 30 Zwitserse frank per persoon. Dries doet echter slim alsof hij niet kan passen en uiteindelijk gaat de dame van de hondenslee ermee akkoord om ons voor 30 Zwitserse frank te vervoeren. We doen twee rondjes en vinden het allebei geweldig.

Helaas is de koude op mijn blaas geslagen en moet ik na het ritje op de hondenslee dringend plassen. We laten het fun park (de naam is lichtelijk overdreven voor een heuveltje waarvan je naar beneden kan sleeën) voor wat het is en keren met de stoeltjeslift terug naar boven om naar het toilet te kunnen gaan. Oef!

We hebben het allebei flink koud en besluiten binnen in het self-service restaurant op te warmen. De pasta bolognaise is redelijk ok en we genieten van het uitzicht. We kunnen ons er geen van beiden toe brengen om opnieuw de kou op te zoeken, dus drinken we nog iets en wachten we braaf tot de buschauffeur iedereen van onze groep verzamelt heeft. Een kort ritje met de cable car later staan we weer beneden.

De chauffeur last nog een kleine tussenstop in: 45 minuten om Montreux te bezoeken, da’s net genoeg tijd om een ijsje te eten en een wandeling langs het meer te maken, alwaar men al druk in de weer is met het opzetten van de kerstmarkt. Een fijn weerzien met een stad waaraan ik goeie herinneringen heb.

Rond 18u zijn we opnieuw in Genève. We besluiten het onszelf niet te moeilijk te maken en in de buurt Chinees te gaan eten bij een restaurant dat een goeie score op tripadvisor heeft. Per slot van rekening moet ik de dag nadien al om 5 uur ‘s ochtends uit de veren om mijn vlucht van 7.05u te halen. We bestellen dumplings als voorgerecht, altijd lekker. De noedelsoep die ik als hoofdgerecht eet, is een beetje flets van smaak en de portie is veel te groot voor mij. Geef mij toch maar een lekkere kom ramen!

Genève – 3 november 2018

Zaterdagochtend profiteer ik van het feit dat ik een hotel geboekt heb om uit te slapen. Ik klop tegenwoordig lange dagen op het werk en wil van de gelegenheid gebruik maken om wat slaap in te halen. Het ontbijt in het hotel is ok, maar ik ben lichtelijk teleurgesteld dat er geen scrambled eggs zijn. Gelukkig is er wel de mogelijkheid om een eitje te koken. We hebben geen grootse plannen vandaag, dus nemen we onze tijd.

Het is een zachte, droge herfstdag in Genève en we besluiten daarvan te profiteren om een gedeelte van Genève te bezoeken waar we nog niet vaak geweest zijn: Carouge. Carouge maakt onderdeel uit van Genève, maar begon als een apart stadje dat in de 18de eeuw gebouwd werd door Victor Amaudeus III, de koning van Sardinië, om te concurreren met Genève. De architectuur van deze stadswijk doet eerder mediterraan aan dan Zwitsers, wat Carouge een heel gezellige uitstraling geeft. Alleen jammer dat het bewolkt is, want met de zon komt dit stadsgedeelte ongetwijfeld nog beter tot zijn recht.

We wandelen van het hotel naar de Tourist Office. Ik vlieg pas maandagochtend terug, wat ons de gelegenheid geeft om zondag samen iets leuks te doen. Ons eerste idee is een uitstapje naar Chamonix boeken, maar dat raadt de vriendelijke dame in het Tourist Office ons af. Blijkbaar zijn de kabelbaan en veel van de andere attracties daar gesloten. Ze stelt ons als alternatief een bezoekje aan Glacier 3000 voor. Best wel een prijzig uitstapje, maar hey, een mens leeft maar één keer…

De temperaturen zijn bijzonder mild voor de tijd van het jaar, net zoals een jaar geleden. We volgen een wandeling die aangegeven staat op het plannetje dat we in ons hotel vonden. De wandeling start bij de Pont Carouge, die ons naar de overkant van de Arve brengt. Ergens in de helft van de wandeling stappen we een bakkerij binnen om iets kleins te eten. Het stevige ontbijt maakt dat we allebei niet veel honger hebben en ik kies het kleinste belegde broodje dat ik in de toonbank zie liggen. Helaas blijkt dit een ongelukkige keuze te zijn. Het broodje is langs beide zijden dik ingeboterd en als er iets is wat is helemaal niet lekker vind (buiten koffie), dan is het boter. Ik besluit het broodje te laten liggen en beperk mijn lunch tot een glas Chasselas.

Na deze korte lunchpauze blijkt opeens de zon door de wolken gebroken te zijn. De laagstaande herfstzon schildert de gevels van de huizen in een warme gloed. Prachtig. De wandeling is naar onze goesting veel te snel gedaan en we lopen nog een stuk verder langs de Arve tot aan de Pont Hans-Wilsdorf, die me altijd een beetje doet denken aan de Helix Bridge in Singapore. Aangezien ik de lunch heb overgeslagen, heb ik plek voor een vieruurtje en de heerlijke pannenkoek met Zwitserse chocolade van Muller’s Factory blijkt ideaal om dit hongertje de kop in te drukken.

Onze wandeling brengt ons naar de oever van het Meer van Genève en het voelt als een fijn weerzien met een oude bekende. We lopen tot aan het nieuwe zandstrand dat momenteel nog volop in opbouw is en maken dan rechtsomkeert om te aperitieven in de oude stad. Ons eerste plan is kaasfondue te gaan eten bij Les Armures, maar we zien verschillende mensen het restaurant binnen gaan en weer naar buiten komen. Volzet, dus. Gelukkig hebben we door ons vieruurtje nog niet veel honger. We drinken twee heerlijke glazen wijn in Le Studio, een gezellige bar die zowaar ietwat betaalbare wijn serveert.

We proberen ons geluk bij een tweede restaurant dat volgens tripadvisor goeie kaasfondue serveert, maar ook daar blijkt alles volzet te zijn. We besluiten op goed geluk toch maar onze kans bij Les Armures te wagen. Misschien is er nog een plekje voor twee aan de toog. En jawel, we hebben geluk, we slagen erin twee barstoelen aan de toog te bemachtigen. De toog wordt bemand (of is het bevrouwd?) door een zeer competente Roemeense jongedame die wel een extra paar handen lijkt te hebben. Ze schenkt wijn, zet koffie, bereidt desserts en allemaal met de glimlach. Indrukwekkend.

We bestellen een portie kaasfondue met paddenstoelen voor twee personen en doppen ons brood in de heerlijke gesmolten kaas. Heerlijk op een herfstige dag!

Uitzicht op Bern en zwemmen in de Aare – 19 augustus 2018

Samen met onze vrienden David en Kristien, Lucía, Matteo en Raquel genieten we op ons gemak van het ontbijtbuffet in ons hotel. De kinderen zijn dikke fan van het do-it-yourself wafelijzer en smullen hun buikje rond. Niet bepaald een gezonde start van de dag, maar hey, op hotel mag dat, he! Ikzelf ben niet echt een fan van wafels, maar een lekkere portie scrambled eggs gaat er altijd wel in.

Na nog een laatste kop koffie (niet voor mij, want ik lust geen koffie) gedronken te hebben, pakken we ons boeltje bijeen op de kamers, laten we onze koffers achter bij de receptie en vertrekken we te voet naar de Gurtenbahn (de funiculaire die ons naar de top van de Gurten zal brengen). Het is een half uurtje stappen naar het vertrekpunt van de funiculaire en best warm. Veel warmer dan ik had durven hopen toen ik met een bang hartje de weersvoorspellingen voor het weekend bekeek.

Met de Gurtenbahn naar de top van de Gurten berg blijkt op zondag een populair gezinsuitstapje te zijn. Het is dan ook drummen om een goed plaatsje te veroveren in de funiculaire. Het uitzicht is alleszins prachtig. Terwijl we ons langzaam naar boven laten trekken, ontvouwt Bern zich aan onze voeten. Schitterend.

De top van de Gurten blijkt iets minder fenomenaal dan het uitzicht. Er is een minitreintje waarop je een ritje kan maken. En ondanks het feit dat we daar duidelijk allemaal (inclusief de kinderen) te groot voor zijn, maken we het kind in onszelf blij met een ritje. Onze volgende activiteit: de beklimming van de uitzichtstoren, na de Zytglogge en de kathedraal, ons derde letterlijke hoogtepunt van het weekend.

Na foto’s van ongeveer elk mogelijk uitzicht genomen te hebben, besluiten we weer af te dalen naar Bern. De Gurten zelf is ons ietwat te commercieel en het is duidelijk dat ons gezelschap niet veel zin heeft om één van de aangeduide wandelingen te volgen.

De funiculaire brengt ons terug naar ons beginpunt en we nemen de tram naar het Altes Tramdepot om daar samen te lunchen. Al een geluk dat we op voorhand gebeld hebben om te reserveren, want het terras is stampvol. Het duurt een eeuwigheid voordat we ons eten krijgen, wat we eerst wijten aan de drukte, maar wanneer we merken dat de tafels rondom ons wel bediend worden, lijkt het duidelijk dat er in de keuken iets is misgelopen. Na even geïnformeerd te hebben bij de ober, komt onze bestelling er verrassend snel aan. Na het lange wachten smaakt met summerbowl met zalm dubbel zo goed. Dat we achteraf nog een drankje van het huis aangeboden krijgen als compensatie voor het lange wachten, vind ik zeer correct.

En jawel, ik kan het niet laten om als dessert nog een ijsje van de Eiswerkstatt te kopen. Ditmaal ga ik voor een rhum raisin en mango passievrucht ijsje. Ik smelt bijna van geluk. 😉

Als afsluiter van ons weekend lijkt het leuk om samen in de Aare te gaan zwemmen. Het is er alleszins warm genoeg voor en hoe vaak heeft een mens de gelegenheid om in een snelstromende rivier te zwemmen? We keren terug naar het hotel om de wagen van onze vrienden op te halen en rechtstreeks naar één van de vele Freibäder in Bern te rijden. Op onze eerste halte bij Freibad Marzili hebben we niet veel succes: het is er stampvol. We besluiten dan ook ons geluk elders te beproeven. Freibad Lorraine blijkt nét iets minder druk te zijn. Al denk ik dat we ‘hoerenchance’ hadden om nog een vrije parkeerplek te vinden.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik het bad zelf, gevuld met water van de Aare erg lelijk vind: een verouderde betonconstructie vol met graffiti. De omkleedkabines zijn gemeenschappelijk en bijzonder rudimentair ingericht. Het geheel heeft een oostbloksfeertje dat me niet bepaald aantrekt. Ik moet me dan ook een beetje oppeppen om me in mijn badpak te hijsen, maar eens aan de andere kant van de lelijke betonnen muur lonkt de blauwe Aare.

We klimmen via een ongemakkelijk ijzeren laddertje in de rivier en laten ons vervolgens door de stroming meedrijven. De stroming is zo sterk dat het zelfs onmogelijk is om gewoon ter plaatste te blijven wanneer je tegen de stroom in zwemt. Het water is behoorlijk koud, maar de snelheid waarmee we ons verplaatsen smaakt naar meer.

We durven het niet goed aan Raquel, ons zevenjarige petekindje, in het water van de Aare te laten zwemmen. Wat natuurlijk een verschrikkelijk drama met veel traantjes tot gevolg heeft. De stroming is echt veel te sterk en ik ben zeker dat als mijn petekindje kopje onder zou gaan in het ondoorzichtige water dat ik, hoe goed ik ook kan zwemmen, er nooit zou in slagen haar terug te vinden. We komen echter op het geniale idee om een schuimrubberen noodle te lenen van één van de vele andere zwemmers. En zo kan ons petekindje zich toch in het water wagen. Het is duidelijk veel te koud voor haar, dus we houden het op één keer. Eind goed, al goed.

Na ons afgedroogd te hebben, brengen onze vrienden ons terug naar het station van Bern, alwaar we afscheid nemen en mijn vriend en ik de trein naar de luchthaven van Genève nemen. Nog nagenietend van een fijn weekend.

Op stap in Bern – 18 augustus 2018

Vroeg opgestaan vandaag, want onze Belgische vrienden David en Kristien die in Aubonne wonen, komen ons al om 8.48u afhalen aan het station van Allaman. Gelukkig is Allaman maar een korte treinrit verwijderd van Cornavin in Genève. Het heeft wat moeite gekost om een datum te prikken (onze vrienden hebben het erg druk), maar uiteindelijk zijn we erin geslaagd een gezamenlijk weekendje Bern te boeken.

De kinderen (Lucía is tien, Matteo acht en ons petekindje Raquel zeven) zijn alleszins door het dolle heen. Ze kijken enorm uit naar een nachtje op hotel en het is meteen een jolige boel in de auto. We komen iets voor het middaguur aan in Bern, parkeren onze wagen voor de deur van hotel en begeven ons naar de incheckbalie. Tot grote teleurstelling van de kinderen zijn onze kamers nog niet klaar. Gelukkig maken de retrospelletjes (donkey kong!) in de receptie veel goed. De kinderen zijn zo enthousiast dat we hen lichtelijk moeten aansporen naar het stadscentrum van Bern te vertrekken.

We laten de koffers achter in het hotel en nemen de tram naar het historische hart van Bern. Aangezien het voor Dries en mezelf nog niet zolang geleden is dat we in Bern waren, vinden we makkelijk onze weg in een stad die zelfs wat vertrouwd aanvoelt. We wandelen onder de befaamde arcaden en zoeken ondertussen via tripadvisor een geschikt restaurant om te lunchen met zeven personen.

Italiaans restaurant Molino blijkt een perfecte keuze te zijn. We slagen erin een prachtige tafel op het balkon te versieren en genieten van het zalige zonnetje en het uitzicht op het drukke marktplein beneden ons. Mijn risotto is heerlijk en ook de pizza’s gaan er vlotjes in bij de kinderen.

Na de maaltijd wandelen we naar het parlementsgebouw van Bern en genieten vanaf de terrassen van het mooie uitzicht om de omgeving. Daarna is het tijd om ons naar de Zytglogge te begeven. De vorige keer stond deze beroemde klokkentoren nog volledig in de steigers, maar nu kunnen we hem bewonderen langs buiten én langs binnen. Ik reserveerde op voorhand een rondleiding om 14.30u voor ons gezelschap. Een goeie zet, want er is maar één rondleiding per dag en die blijkt volledig volzet te zijn.

We kunnen kiezen tussen een rondleiding in het Engels of in het Duits. Last minute switchen we nog van groep en sluiten we aan bij de Engelstaligen. Een goeie ingeving. Zelfs in het Engels begreep ik al de technische termen die de gids hanteerde niet altijd. Laat staat dat ik in het Duits zou kunnen volgen. De gids is een ongelooflijke bron van kennis en legt ons alle finesses van de werking van de astronomische klok uit. Ik focus me vooral op het mooie historische mechanisme en de interessante geschiedenis van deze toren die nog ooit als vrouwengevangenis dienst deed. We kunnen van binnenuit observeren hoe alles in beweging komt, wanneer de klok drie uur slaat.

 

De beklimming van de Zytglogge was maar een opwarmertje voor onze volgende halte: de beklimming van de kathedraal. Veel gehijg en gepuf later staan we helemaal boven, te genieten van het schitterende uitzicht. Al vinden de kinderen het toch maar een beetje akelig en vangen ze na een paar minuten alweer de terugtocht naar beneden aan.

Na dit letterlijke hoogtepunt wandelen we verder naar de Bärengraben. En jawel, de beren zijn uit hun winterslaap ontwaakt en we spotten maar liefst drie verschillende exemplaren. Succes! Tijd voor een drankje én een ijsje op het fantastische terras van het Altes Tramdepot. De gelato van de Eiswerkstatt is alleszins geweldig lekker. De dienster schept het ijs met een spatel uit de bak en plaatst het vervolgens met een draaiende beweging op het horentje of in het potje, waardoor een gelijkaardig effect als met een softijsje wordt bekomen. Het ijs zelf is overheerlijk, met bijzondere smaakcombinaties zoals saffraan en witte chocolade. Al een geluk dat ik hier niet woon of ik kwam elke dag om een ijsje. 😉

Na deze rustpauze beklimmen we de steile helling naar de Rosengarten en genieten we boven van een schitterend uitzicht op Bern. Helaas wel in tegenlicht. Wij zoeken ons een plekje op het gras terwijl de kinderen zich uitleven in de speeltuin. Al is Lucía, de oudste, daar al net iets te groot voor.

 

We wandelen vanaf de Rosengarten langs de Aare terug naar het stadscentrum. We zien veel mensen in de snelstromende Aare zwemmen met een waterbestendig zakje om kleren en andere spullen op te bergen. Onderweg komen we langs een roeicompetitie. Niet evident om goed te sturen in water dat zo snel stroomt. We steken een voetgangersbrug over de Aare over en zien jongelingen vanaf de brug in het water springen. Misschien een ideetje voor morgen? 😉

Voor het avondmaal reserveerde ik een tafeltje bij restaurant Moleson. Onze tafel op het terras in een rustige straat van Bern staat reeds klaar. Ondanks het warme weer kunnen Dries en ik de lokroep van kaasfondue niet weerstaan. En David doet gezellig mee.

Na het avondmaal trekken we terug naar het hotel om in te checken en onze kamers te inspecteren. De kinderen vinden het allemaal geweldig en we spelen nog een paar spelletjes (betoverde doolhof en UNO) voor het slapen gaan.

Een mooie dag!

« Older posts Newer posts »

© 2021 The Swiss Life

Theme by Anders NorenUp ↑