The Swiss Life

Dries en Carolien in .ch

Page 10 of 15

Het einde van de Indian Summer

26 oktober 2017, een om meer dan één reden memorabele dag. En alhoewel de Indian Summer duidelijk aan de laatste loodjes bezig is, stak de zon speciaal op deze dag nog even een tandje bij. Ik zag het kwik tot maar liefst 26 graden stijgen. Reden te meer om de stad in te trekken te genieten van misschien wel de laatste écht zomerse dag.

Dankzij tripadvisor vond ik een heel fijn, klein Venezolaans restaurantje waar ik lunchte voor slechts 20 CHF! Een koopje hier in Genève. En zo maakte ik voor het eerst kennis met Pabellón criollo, blijkbaar het nationale gerecht van Venezuela. A lucky pick, moet ik bekennen, want ik ken niets van de Venezolaanse keuken. De combinatie van rijst, bonen, gebakken bananen en geschaafde stukjes rundvlees was erg lekker. Zeker voor herhaling vatbaar.

Daarna maakte ik een prachtige wandeling doorheen zonovergoten Genève. Geen wolkje te bekennen en warm genoeg om in een zomerjurk van de zon te genieten. Een unicum op 26 oktober, moet ik zeggen.

En ‘s avonds probeerde ik voor de eerste keer échte Zwitserse pralines uit. Geen concurrentie voor mijn favoriete pralines, de pralines van Bittersweet, moet ik eerlijkheidshalve bekennen. Voor mij waren de pralines van Läderach te klassiek, terwijl ik net houd van een beetje meer avontuur. Maar het blijft chocola, natuurlijk! 😉

De was doen op z’n Zwitsers

En nu denken jullie waarschijnlijk, wat is er zo bijzonder aan de was doen in Zwitserland? Moet daar nu echt een ganse blogpost aan gewijd worden?

Wel, de was doen in Zwitserland vraagt toch net iets meer inspanning dan elders. Heel veel appartementen in Zwitserland zijn immers niet uitgerust met een privé-wasmachine. Om hun was te doen, maken alle bewoners van een appartementsblok gebruik van één gemeenschappelijke wasmachine en droogkast. Dat is ook zo in ons appartementsgebouw. De wasmachine en de droogkast staan opgesteld in de kelder en het is altijd duimen dat de wasmachine net vrij is op het moment dat jij de was wil doen. Zo ben ik op één vrijdag eens vier keer met een wasmand vol vuile was van een kale reis teruggekeerd omdat de machine altijd in gebruik was.

Nu we hier al wat langer wonen, hebben we gemerkt dat zaterdagochtend een goed moment is om de was te doen. Als je vroeg genoeg opstaat, is de wasmachine altijd vrij. De wasmachine in kwestie gebruiken is echter niet gratis. We moesten eerst een chipkaart kopen om het toestel te activeren, pas daarna kan je je wasprogramma kiezen. Die chipkaart bevat een aantal punten die goed zijn voor een aantal wasbeurten. Als de kaart leeg is, kan die niet herladen worden en moet je gewoon een nieuwe kaart kopen.

Nu hebben wij nog min of mee geluk dat we, als de wasmachine vrij is, de was kunnen doen wanneer we willen. In andere appartementsblokken wordt er met tijdslots gewerkt om de was te doen. Je zal maar de zieligaard zijn die op vrijdagavond om 20u de was moet doen. Een collega van Dries werkt bijvoorbeeld altijd thuis op de dag dat hij een tijdslot heeft toegewezen gekregen om de was te doen. Anders zou zijn was nooit gedaan raken. Er zijn blijkbaar ook gebouwen waar je zelf je tijdslot kan kiezen, een ideaal recept voor conflicten met de buren. 😉 Ik kan me voorstellen dat er enig gedrum ontstaat op het moment dat de lijst met tijdslots bekend gemaakt wordt. 😉

Kaasfondue in Meyrin

Deze zondag waren we te gast bij onze vrienden in Meyrin en hun twee geweldig slimme dochters. We waren uitgenodigd om samen kaasfondue te eten ter gelegenheid van de al dan niet op handen zijnde herfst (al voorspellen ze voor nu donderdag alweer twintig graden). Het was alleszins wisselvallig genoeg, met afwisselend buien en zon. Dries en ik durfden het er niet op wagen en kozen veiligheidshalve voor een tramritje in plaats van een gezonde fietstocht. Een half uur door de regen fietsen zag ik niet zitten.

De kaasfondue, bereid in een bijhorend Zwitsers fonduestel, was uitstekend! Heerlijk met een glaasje Chasselas erbij (al deden we er even over om de Italiaanse prosecco op te krijgen). Voor mij was het een gelegenheid om kennis te maken met een Belgische professor die al een tijdje in Genève woonde (Dries had haar al bij een eerdere gelegenheid ontmoet). Een zeer intelligente en sympathieke dame die niet al te ver van ons woont. Dat schept mogelijkheden!

Na de kaasfondue was er nog een heerlijke fruitsla om de laatste gaatjes op te vullen en toen was ik echt volledig verzadigd. Gelukkig bleef het in de namiddag droog genoeg om buiten de benen te strekken. We wandelden doorheen Meyrin, verkenden het oude centrum en zagen dat er volledig nieuwe wijk in de steigers stond. Op een paar druppels na hielden we het gelukkig droog!

Het was erg gezellig en ik kijk ernaar uit om hier in de toekomst zelf mensen te kunnen ontvangen. Maar daarvoor moet ik eerst een job vinden (en de zoektocht verloopt helaas nogal moeizaam), zodat we kunnen verhuizen naar een groter appartement.

Fietsen in de omgeving van Bernex

Volgens de weerberichten is het einde van de Indian Summer nabij, reden te meer om nog vlug een fietstochtje in te plannen. Deze zaterdag zou het de ganse namiddag droog en zonnig blijven, maar voor de avond werd er regen voorspeld. Ik vond op routeyou.com een fietstocht in de omgeving van Bernex die goed doenbaar leek voor een namiddag (slechts 12,2 km). Het vertrekpunt was een dik half uur fietsen van ons appartement, maar daar draaien we tegenwoordig onze hand niet meer voor om.

De tocht voerde ons doorheen een golvend agrarisch landschap met op het einde een paar wijngaarden. Om heel eerlijk te zijn, vond ik deze route minder mooi dan degene die we vorige week aflegden. Daardoor stopten we natuurlijk minder om foto’s te nemen. In combinatie met het feit dat de route minder zwaar en minder lang was, waren we mooi om half zes thuis. Ruimschoots voordat de hemelsluizen open gingen.

Kennismaking met Rési.f

In ruil voor de gratis zumbalessen, vroeg de coördinatrice met zachte aandrang minstens één keer deel te nemen aan Rési.f, het Réseau interculturel d’Échange de Savoirs pour les femmes.De brochure verwoordde het mooi: “Femmes suisses ou étrangères, immigrées, réfugiées ou requérantes d’asile, nous avons des richesses personnelles à partager, des savoirs à échanger, de l’amitié à donner.”

Aangezien ik donderdagavond geen plannen had, besloot ik eens een kijkje te nemen bij Rési.f. Het was niet ver en misschien zou het mij wel helpen in mijn zoektocht naar werk. De opkomst was alvast indrukwekkend. Er moesten steeds nieuwe stoelen bijgehaald worden om al de vrouwen van een zitplaats te voorzien. Ik denk dat er in totaal zeker zestig vrouwen bijeen zaten om een tafel waaraan eigen slechts een twintigtal personen paste.

Chokoufeh Samii, de dame die de avond modereerde deed dat zeer goed en met overtuiging, en dat al bijna vijfentwintig jaar lang! Maar ik moet heel eerlijk zijn dat ik me als enige West-Europese een beetje een vreemde eend in de bijt voelde tussen de rest van het gezelschap, voornamelijk vrouwen uit Afrika en Azië. Let wel, veel respect voor de verhalen van deze vrouwen en ik kan me maar al te goed voorstellen hoe moeilijk het moet zijn je draai te vinden in Zwitserland als migrant uit een land met een radicaal andere cultuur, gebruiken en klimaat. Alleen had ik persoonlijk niet zoveel behoefte aan een groepsgesprek in slecht Frans met als thema: ‘hoe kom ik de winter door?” Zeker toen de ene na de andere dame recepten begon op te zeggen. Ik was dan ook stilletjes opgelucht toen na een uur en drie kwartier de bijeenkomst afgerond werd.

Het is jammer, maar ik voelde mij er echt een vreemde eend in de bijt. Misschien moet ik een keer teruggaan naar een Rési.f bijeenkomst nadat ik werk gevonden heb, want nu voelde het voornamelijk aan als tijdverlies.

Mijn eerste Women in Digital Geneva meet up

Vorige dinsdag woonde ik voor de eerste keer een Women in Digital Geneva meet up bij. Het topic van de avond was Artificial Intelligence in Marketing, niet helemaal mijn cup of tea, maar de meet up leek mij een ideale gelegenheid om nieuwe mensen te ontmoeten en, wie weet, misschien wel op een interessante job te stoten.

Het kostte mij een kleine zoektocht om het juiste lokaal te vinden in het CREA / BAT 43 L gebouw. Gelukkig ontmoette ik in de lege gangen van het gebouw een vriendelijke studente marketing die me naar de juiste plek bracht. Ik moet toegeven dat ik de uiteenzetting zelf nogal oppervlakkig vond. En de meer serieuze vragen over privacy en de nieuwe GDPR werden naar mijn aanvoelen nogal snel van tafel geveegd.

Hoewel de uiteenzetting zelf me wat tegen viel, had ik nadien wel de gelegenheid om enkele fijne gesprekken te voeren. Ik sprak met de initiatiefneemster, een pittige Braziliaans-Franse dame die al zowat overal op de wereld gewoond heeft en maakte kennis met een Russische die in Italië woonde en bezig was een collectie met smart textiles te ontwerpen. Het fijnste gesprek had ik met een Duitse fysica die op CERN werkte. Een heel fijne dame die me aanraadde om eens te bekijken of het conversation exchange program van het CAGI netwerk iets voor mij zou zijn. Voor het netwerk zelf kom ik helaas niet in aanmerking.

Een concrete job kwam er helaas niet uit de bus (dat zou ook ietwat te hoog gegrepen zijn), maar ik denk wel dat ik naar de maandelijkse bijeenkomsten zal blijven gaan. Het is altijd fijn interessante mensen te ontmoeten.

De wijngaardterrassen van Lavaux

Deze zondag profiteerden we opnieuw volop van het feit dat de herfst last heeft van een identiteitscrisis en zich zomer waant. Om in de sfeer van de vorige dag te blijven, leek een wandeling langs de wijngaardterrassen van Lavaux, sinds 2007 UNESCO werelderfgoed, me ideaal.

We namen in Genève de trein van 11u (met zeven minuten vertraging, jawel, ook in Zwitserland kan dat al eens gebeuren) en waren rond 12.30u in St-Saphorin. Ons oorspronkelijke plan was om in het schattige dorpje St-Saphorin iets te eten, maar de twee restaurants die open waren op dat moment hadden allebei geen plaats meer. Niet verwonderlijk, we waren duidelijk niet de enige dagjestoeristen die van het mooie weer gebruik wilden maken om de beroemde terrassen van Lavaux te verkennen.

Helaas bleken de meeste eetgelegenheden in de omgeving dicht (die Zwitsers nemen hun zondagsrust blijkbaar erg serieus). Gelukkig vond Dries via googlemaps een bakkerij in Chexbres die open was op een dik half uur wandelen van St-Saphorin. Mijn maag protesteerde op dat moment al heftig en een wandeling van bijna 12 km aanvatten op een lege maag, leek niet bepaald een goed idee.

Ik propte snel een meergranenreep in mijn mond en we begonnen aan de tocht van 2 kilometer naar de bakkerij. Hiervoor moesten we afwijken van de normale wandelroute en een flink stuk stijgen. Laat ons zeggen dat er toch wat gezucht aan te pas gekomen is alvorens we onze bestemming bereikten. Al verzachtten de mooie vergezichten onderweg de steile klim een beetje.

Boulangerie Bidlingmeyer bleek echter de omweg meer dan waard te zijn. Naast de bakkerij, baatten ze tevens een brasserie uit met een mooi terras met uitzicht op het meer en de wijngaardterrassen. Wij moesten even wachten tot er een plek vrij kwam (helaas niet op het terras), maar wij waren al blij dat we uitzicht hadden op een stevig middagmaal. De bediening was wat slordig en ongeïnteresseerd, maar het eten was degelijk en lekker.

Van brandstof voorzien daalden we opnieuw af naar de wandelroute en genoten met volle teugen van de gouden herfstkleuren en de prachtige terrassen met wijngaarden waarvan de geschiedenis terug gaat tot de elfde eeuw, toen Benedictijnse en Cisterciënzer kloosters dit gebied controleerden. De druif die in hoofdzaak verbouwd wordt in het gebied tussen Lausanne en Vevey  is de Chasselas. De geproduceerde wijn is bijna hoofdzakelijk bedoeld voor consumptie in Zwitserland. Een ideaal cadeautje om als toerist mee naar huis te nemen, dus.

Helaas bleken bijna alle wijnhuizen gesloten toen wij er passeerden. Een beetje vreemd, want dit leek mij een ideale dag om wat extra inkomsten te genereren. Misschien zijn in het hoogseizoen de wijnhuizen wel open op zondag? We passeerden onderweg wel een klein kraampje waaraan je een glas wijn kon kopen, maar de lange rij deed ons hiervan afzien.

Na de stevige klim naar Boulangerie Bidlingmeyer was de rest van de wandeling vrij eenvoudig. De glooiende hellingen in combinatie met de laagstaande herfstzon leverden het ene fotogenieke plaatje na het andere op. Wat een fenomenaal mooie streek! Ik denk niet dat we een betere dag hadden kunnen uitkiezen voor ons bezoek.

Na heel veel foto’s vonden we het tijd om eens een glas van de lokale wijn te proeven. Redelijk om het einde van de wandeling kwamen we langs het mooie terras van Domaine Saint-Amour, dat gelukkig wel open was. We werden er door de wijnboer in eigen persoon van uitleg voorzien en dronken een flesje van 37,5 liter Saint-Amour terwijl we keken naar de langzaam ondergaande zon. Romantischer kan haast niet. 😉

Het laatste stuk van de wandeling was er voor mij een beetje te veel aan, maar we slaagden er toch in om met een paar minuten speling de trein van 18.50u in Lutry te halen.

Prachtige dag die zeker naar meer smaakte!

Fietstocht tussen de wijngaarden

Toen we naar Genève verhuisden, waarschuwde men ons voor de deprimerende en grauwe herfstmaanden. We zijn ondertussen half oktober en ik heb sinds de zomer op zijn einde liep nog geen enkele dag nylon kousen aan gedaan (die zitten nog altijd ergens onuitgepakt in een doos) en de zon heeft hier al bijna elke dag geschenen. Dit weekend beloofden de temperaturen alweer alle records te breken. Ervan uitgaande dat aan alle mooie liedjes een einde komt, leek het mij een goed idee om optimaal van deze misschien wel laatste opstoot van de zomer te profiteren.

Mijn eerste fietstochtje met de nieuwe fiets smaakte naar meer, dus surfte ik wat rond met de expliciete bedoeling een fietstocht te vinden die ons langs rustige wegen met minimaal verkeer zouden brengen. In onze straat in het centrum van Genève hebben we dag en nacht last van verkeerslawaai. Erg storend, maar zolang ik geen job vind, valt daar weinig aan te doen, buiten hopen dat op korte termijn iedereen overschakelt op elektrische auto’s en brommers. Reden te meer om in het weekend stillere plekken op te zoeken.

Ik vond een mooie route die aan de criteria voldeed.  19,4 kilometer leek niet meteen een grote uitdaging, al moesten we daar wel 7,5 kilometer heen en terug bij tellen om aan het startpunt te geraken. Gelukkig reden we die eerste 7,5 kilometer voornamelijk langs de oevers van het meer op een mooie, vlakke weg. Ideaal als opwarming. Daarna werd het een beetje pittiger. De route bracht ons langs mooie wijngaarden, pittoreske dorpjes met kerkjes die uit de tiende eeuw stamden en het prachtige Château du Crest gelegen te midden van een mooi wijndomein. Helaas was het kasteel zelf niet te bezoeken en vonden er op zaterdag enkel in de voormiddag degustaties plaats.  Jammer.

Het merendeel van de route was goed te doen voor en niet-geoefende fietser als mezelf al waren er toch een paar hellinkjes waarop ik serieus moest zwoegen. Er was welgeteld één helling die gewoon té steil was. Een stadsfiets heeft maar een beperkt aantal versnellingen en het was kiezen tussen omvallen in de eerste versnelling of te voet verder gaan. Ik koos voor dat laatste.

Uiteindelijk zaten we in totaal vijf uur op de fiets. Dat lijkt veel voor het aantal kilometers, maar houd er rekening mee dat we onderweg verschillende keren gestopt zijn om van het uitzicht te genieten, een kerkje binnen te stappen en foto’s te nemen. Ik was alleszins blij dat ik mijn wielrennersbroek aangetrokken had, waardoor ik de dag nadien geen last had van zadelpijn.

Happy Hour

Eén keer per maand wordt in het gebouw waar Dries werkt een Happy Hour georganiseerd. Bedoeling is dat de mensen die in het gebouw werken elkaar op een informele manier beter leren kennen. Het gebouw waar Dries werkt, is één van de mooiste kantoorgebouwen die ik tot nu toe heb bezocht. Volledig in glas opgetrokken met een indrukwekkend open atrium, glazen liften, planten die van de hoogste verdieping tot het gelijkvloers groeien, een dakterras met zicht op de Jet d’Eau,… Heel a-typisch om in zo’n gebouw voornamelijk onderzoeksinstellingen te vinden, maar de futuristische architectuur is al beter verklaarbaar, als je weet dat het gebouw oorspronkelijk opgetrokken werd om onderdak te bieden aan een farmaceutisch bedrijf.

In dat geweldige gebouw huizen dus een heel aantal onderzoeksprojecten die van elkaar eigenlijk bijna niks afweten. Vandaar dat een aantal enthousiastelingen besloten het Happy Hour te creëren en er bovendien in slaagden financiering voor deze kleine extracurriculaire activiteit los te weken.

Vrijdag had Dries had afgesproken met zijn collega Alan om naar zijn allereerste Happy Hour te gaan. Omdat ik als werkloze niet zoveel gelegenheid heb om mensen te spreken, stelde hij voor dat ik mee kwam. Ik aarzelde even, want uiteindelijk zou ik een beetje een verstekeling zijn in zijn gebouw, maar hey, het leven is aan de durvers. Ik kreeg een bezoekersbadge en daarmee maakte ik officieel mijn intrede in het gebouw.

Bij het binnenkomen van de ruimte waar het Happy Hour plaatsvond, heette één van de initiatiefnemers ons welkom en werden we meteen gesommeerd een klein papiertje in te vullen met wat informatie over onszelf. Vervolgens moesten we ons papiertje afgeven en kregen we een identiek papiertje ingevuld door een andere aanwezige in onze handen gestopt. Bedoeling was om zo de mensen aan te sporen om hun vaste kliek te verlaten en met anderen een gesprek aan te knopen. Een opener zoals: ‘Are you a cat or a dog person?’, doet het altijd. 😉

Oorspronkelijk was ik niet echt van plan om veel met dat papiertje te doen, maar uiteindelijk had ik dankzij dat papiertje toch een paar random gesprekken met mensen. Ik ontmoette zelfs een Zuid-Koreaan op wie ik enkele woorden Koreaans losliet (al moet ik toegeven dat mijn parate kennis door een paar maanden stil te liggen er zwaar op achteruit gegaan is). Niemand die het trouwens erg vond dat ik niet echt in het gebouw werkte. 😉 Heel toevallig kwam een collega van Dries die op dezelfde verdieping werkte, maar in een ander team, bij ons staan en jawel, hij had mijn briefje!

Zo kwam het dat ik een heel fijn gesprek had met Fernando, een Portugees die samen met zijn vrouw al een hele tijd in Genève woonde. Bleek bovendien dat er een prijs te winnen viel voor de mensen die de persoon van hun briefje gevonden hadden! Dan ben ik er natuurlijk als de kippen bij. Er waren drie prijzen te verdelen, maar uiteraard waren er méér gegadigden dan prijzen. De organisator vond er bijgevolg niets beter op dan de hoofdprijs (een reusachtige ferrero rocher bol) dan maar gewoon in de richting van de winnaars te gooien. En jawel, na wat geharrewar viel de bol in de handen van Fernando. We openden samen de bol en deelden de chocolade (al ben ik niet zo’n geweldig fan van ferrero rocher).

Uiteindelijk had ik onverwacht fijne ontmoetingen en ik heb tegen genoeg mensen gezegd dat ik een job zoek. Wie weet, misschien komt er toch nog iets uit de bus?

Pop In Geneva – Mixed edition – 7 oktober 2017

Om 6.45u opstaan, het blijft lastig. Het leven van een vrijwilliger gaat niet altijd over rozen. Na een half uur wandelen kwam ik iets voor 8u aan bij de Bains des Pâquis. Mijn voorgevoel over mijn collega-vrijwilliger bleek terecht, want op weg naar de Bains had ik een sms’je van haar gekregen dat ze rechtstreeks naar de locatie van de Challenge ‘Réel ou Fictif’ zou gaan. Dat maakte dat ik er alleen voorstond om al de spullen van de Bains naar Art Classe te brengen. En dat viel dik tegen. Ik kreeg een loodzware zak met potloden en tekenblokken van Zwitserse trots Caran d’Ache in mijn handen gedrukt. Dat in combinatie met het onhandige formaat van de banner (die ook niet licht was) en een zak vol met broodjes voor de lunch, maakte dat ik veel te zwaar geladen was. Binnensmonds vloekte ik even, maar niets aan te doen.

Op zich was het te voet naar Art Classe maar een dikke twintig minuten wandelen, maar met mijn vracht zou ik daar zeker langer over doen. Gelukkig was er een shortcut die ik kon nemen: de Mouettes Genevoises konden mijn verplaatsing een flink stuk inkorten. Helaas, blijkt dat de mouettes in het weekend pas vanaf 10u varen. Dikke, dikke pech. Ik moet zeggen dat ik heel even erover dacht om mijn lading gewoon te laten liggen en naar huis terug te keren, maar goed, ik wilde mij niet laten kennen, hees de vracht op mijn schouders en begon aan de wandeling.

Gelukkig kwam ik onderweg een andere vrijwilligster tegen die dezelfde richting uit moest en die zag hoe zeer ik aan het sukkelen was. De lieve dame bood aan me te verlossen van de zak met het meest vervelende formaat: de banner. Ik had de dame in kwestie wel kunnen omhelzen. Onderweg kreeg ik nog wat berichtjes van Ruth, maar het was lastig om die te beantwoorden met mijn handen vol. Uiteindelijk vonden Ruth en ik elkaar op nummer 17bis in de rue François-Versonnex. Ik moet zeggen dat ik me even moeite kostte om vriendelijk te zijn tegen Ruth. Ik kon wel begrip opbrengen voor het feit dat ze uit een afgelegen dorp moest komen en dat er daar niet veel bussen waren zo vroeg op de ochtend. Als ze mij echter een dag op voorhand had laten weten dat ze niet naar de Bains zou komen in plaats van mij ‘s ochtends vroeg voor een voldongen feit te plaatsen, dan had ik Dries kunnen vragen om mij een handje te helpen met de verplaatsing van de spullen. (Side note: absurd dat de vrijwilligers zelf met die spullen moeten sleuren, kan de organisatie van Pop In geen vervoer daarvoor regelen?)

Enfin ja, ik denk dat Ruth wel doorhad dat ik niet zo goed gezind was. Ik besloot het daarbij te laten en me over mijn ochtendlijk ongenoegen heen te zetten. Uiteindelijk moesten we nog de rest van de dag in elkaars gezelschap doorbrengen. In het atelier maakte ik kennis met kunstenaars Stéphane Ducret en Crystel Ceresa. We werden al meteen aan het werk gezet. Elke pagina uit de loodzware tekenblokken van Caran d’Ache moest voorzien worden van een stempel met het merk Art Classe. Best wel een plezierig werkje en ideaal om de tijd te doden tot de stormloop van deelnemende teams op gang zou komen. Stéphane was een erg aangename een vriendelijke Zwitser uit Lausanne die vol passie over zijn werk vertelde. Hij vertelde ook dat hij een tijd voor de UN gewerkt had, maar dat dit allerminst een positieve ervaring geweest was.

Toen de eerste deelnemers zich, vroeger dan verwacht, rond kwart na negen aandienden, nam ik plaats aan een tafeltje op de binnenkoer voor de deur van het atelier. Ik controleerde de feuilles de pointages, heette de deelnemende teams welkom en voorzag hun blaadje van een sticker na het voltooien van de activiteit. Gelukkig was het Stéphane die vol vuur de rest van de uiteenzetting voor zijn rekening nam. In het kort kwam het erop neer dat elk team twintig minuten kreeg om zelf een kunstwerk te maken. Ze konden kiezen om een werk te maken geïnspireerd op de geometrische ‘Butterfly Paintings & Drawings’ van Mark Grotjahn of de eerder organische werken van Daniel Orson Ybarra. Voor de geometrische werken mochten de deelnemers aan de slag met een lineaal en kleurpotloden, voor het werk van Daniel Orson Ybarra mochten ze stempelen met aardappelen. De deelnemers kweten zich allemaal bijzonder enthousiast van hun taak moet ik zeggen en de resultaten mochten gezien worden.

Het was wel opvallend dat een overrompeling zoals bij de vorige editie uitbleef. Het werd nooit superdruk in het atelier en er waren zelfs momenten dat het te rustig naar mijn goesting was. Soms waren er zelfs geen teams aan het werk en dat terwijl deze challenge toch betrekkelijk meer tijd vergde dan een foto nemen met een paar slangen. ‘k Moet zeggen dat ik die beestjes toch wel miste. 😉 Ik begon het, ondanks mijn fleece met daarover een dikke winterjas, erg koud te krijgen op de binnenkoer die, volledig omringd door hoge gebouwen, van elk streepje zonlicht verstoken bleef. Nochtans kon ik aan de stralend blauwe lucht zien dat het een prachtige dag was en als ik buiten op straat ging staan, voelde ik de weldoende warmte van de zon. Ruth kwam me in de namiddag wat buiten gezelschap houden en zo hadden we toch nog wat fijne babbels.

De rest van de namiddag verliep bijzonder rustig. Dries kwam even langs tijdens zijn testrit met mijn nieuwe fiets om gedag te zeggen en zo rond vijf voor vijf begonnen we aan de opruim. Ruth, die alleen een dun leren vestje als jas had, was helemaal verkleumd en wilde duidelijk liefst zo snel mogelijk weg. Stéphane stelde nog voor om samen een fles wijn open te trekken om te klinken op de geslaagde dag en hoewel ik graag had willen blijven, besloot ik solidair te zijn met Ruth en de rest van de spullen samen met haar terug te brengen naar de Bains des Pâquis. Gelukkig moesten we nu niet meer met die zware zak met tekengerief sleuren (het gerief bleef achter in het atelier en de tekenblaren waren opgebruikt) en konden we nu wel gebruik maken van de Mouettes.

Het slotevenement liet ik ditmaal aan mij voorbij gaan. Het was een pak kouder dan de vorige keer en na een ganse dag kou geleden te hebben, zag ik het niet echt zitten om ook de avond in open lucht door te brengen. Enerzijds wel jammer, want ik had wel zin in een bord met lekkere mezze, maar anderzijds bespaarde ik mezelf twee lange busritten en kon ik op mijn gemak weer op een normale lichaamstemperatuur komen.

« Older posts Newer posts »

© 2026 The Swiss Life

Theme by Anders Noren — Up ↑